Hoe ziet de rechtspositie van personeel werkzaam aan een onderwijsinstelling er uit?
Bijzonder en openbaar onderwijs
Binnen het onderwijs is de eerste vraag of het om een openbare of bijzondere onderwijsinstelling gaat (o.a. katholiek, islamitisch, protestant, etc.). Personeel in dienst van een bijzondere onderwijsinstelling werkt op basis van een gewone arbeidsovereenkomst. Bij een openbare onderwijsinstelling is dat een aanstelling. Dit laatste klinkt vergelijkbaar met de rechtspositie van de ambtenaar. Zij zijn ook ambtenaar in de zin van de Ambtenarenwet. Openbare onderwijsinstellingen nemen ook rechtspositionele besluiten in de zin van de Algemene wet bestuursrecht (Awb), waar tegen de medewerker bezwaar, beroep en uiteindelijk hoger beroep bij de CRvB kan instellen op grond van de Awb.
De medewerker van een bijzondere onderwijsinstelling is gewoon werknemer en die moet zich bij een procedure wenden tot de kantonrechter.
Onderwijssectoren
Ten tweede moet onderscheid worden gemaakt tussen het type onderwijsinstelling: met name primair of voortgezet onderwijs, hoger beroepsonderwijs en universitair onderwijs. Voor elk type onderwijs geldt een eigen CAO met veel rechtspositionele voorschriften en daarin ook weer het onderscheid tussen openbaar en bijzonder.
Naast de diverse CAO’s spelen in onderwijszaken ook de achterliggende wettelijke regels in de onderwijswetten een rol en ook aanvullende besluiten, met name ter zake van bovenwettelijke uitkeringsaanspraken bij ziekte en werkloosheid.
Geen BBA van toepassing
Tot slot is een bijzonderheid aan de rechtspositie van medewerkers in het onderwijs dat zij voor het grootste deel, in ieder geval de onderwijsgevenden, niet vallen onder de bescherming van het BBA. De onderwijsinstelling behoeft voor ontslag dus geen voorafgaande toestemming van UWVWerkbedrijf en de medewerker kan geen beroep doen op nietigheid van het ontslag wegens het ontbreken van UWV-toestemming. Dat is recent op 2 augustus 2011 nog eens bevestigd door het Gerechtshof Arnhem in een ontslagzaak van een medewerker van een autorijschool. Ook een autorijschool kwalificeert als onderwijsinstelling en voor ontslag van de medewerker daarvan is dus geen voorafgaande UWV-toestemming nodig.
Ontslag
Iets uitgebreider nu over het ontslagrecht.
Voor de medewerker van een openbare onderwijsinstelling vindt ontslag plaats door een ontslagbesluit, gewoon een brief, met inachtneming van de opzegtermijn. De medewerker kan via bezwaar en eventueel een voorlopige voorziening bij de bestuursrechter hier tegen protesteren en het ontslag ongedaan maken.
Voor de medewerker van een bijzondere onderwijsinstelling vindt ontslag ook “gewoon” met een ontslagbrief plaats. Hij kan zich daar tegen verzetten door zich te wenden tot een Commissie van Beroep die elke onderwijs-CAO kent. Deze Commissie kan het beroep tegen het ontslag gegrond of ongegrond verklaren, maar kan geen schadevergoeding toekennen. Ook kan zo’n Commissie in beginsel het ontslag niet vernietigen.
Dus ook een gunstig Commissie-oordeel bezorgt de onderwijsgevende in beginsel zijn baan niet terug. De bijzondere onderwijsinstelling kan het Commissie-oordeel dus naast zich neerleggen, tenzij is bepaald of afgesproken dat het Commissie-oordeel wel bindend is (maar dat is een uitzondering). Vervolgens rest de medewerker een procedure bij de kantonrechter wegens kennelijk onredelijk ontslag.
Gevolgen ontslag
Ontslag lijkt daarmee makkelijker dan bij een “gewone” werknemer. Anderzijds kan de medewerker van een bijzondere school een procedure wegens kennelijk onredelijk ontslag starten en daarbij een schadevergoeding eisen. En voor de medewerker aan een openbare school kan zijn procedure leiden tot een vernietiging van het ontslagbesluit. Bovendien moet bedacht worden dat veel onderwijsregelingen de onderwijsinstelling verplichten meer te betalen dan de gewone (WW)uitkering; namelijk een bovenwettelijke uitkeringen. En in het bijzonder onderwijs komt het ook steeds meer voor dat de onderwijsinstelling geen ontslagbesluit neemt, maar een ontbindingsprocedure start met het risico te worden veroordeeld tot betaling van een ontbindingsvergoeding (en bovenwettelijke uitkering).
Bijzondere rechtspositie onderwijs
Tot zover een overzicht van de bijzonderheden van de rechtspositie van medewerkers van onderwijsinstellingen. De nadruk ligt hier op het ontslag. Maar binnen het onderwijs spelen ook bijzonderheden rond medezeggenschap waarbij naast de WOR ook de Wet medezeggenschap op scholen geldt, spelen bijzonderheden rond functiewaardering, diverse geschillencommissies en bovenwettelijke uitkeringen.




