Koopovereenkomsten

Investeren in kunst kan een lucratieve bezigheid zijn, maar geheel risicoloos is het niet. De (ver)koop van kunstwerken leidt nog wel eens tot geschillen tussen de betrokken partijen, vooral wanneer kunst op afstand wordt aangekocht. Voorbeelden daarvan zijn geschillen omtrent de herkomst, ouderdom, toeschrijving, kwaliteit, en verkoopprijs van het kunstwerk. Een uitgebreide koopovereenkomst kan zowel koper als verkoper beschermen tegen tijdrovende en kostbare juridische procedures die voortkomen uit misverstanden, misplaatste verwachtingen of onjuiste uitspraken.

Het beginsel van contractvrijheid is een grondbeginsel van het Nederlandse contractenrecht. Dit houdt in dat partijen in principe alleen gebonden zijn aan de regels die zij onderling zijn overeengekomen. In het geval van een geschil over de interpretatie van een contract zijn de intenties van de betrokken partijen en hun legitieme verwachtingen van elkaar doorslaggevend. Hoewel het niet vereist is dat een overeenkomst op schrift gesteld is, zal het zonder een schriftelijke overeenkomst uiterst moeilijk zijn om aan te tonen wat de regels zijn die de partijen onderling zijn overeengekomen.

Op overeenkomsten tussen een professionele partij en een particuliere partij is het consumentenrecht van toepassing. Dit brengt grotere verantwoordelijkheden met zich mee voor een professionele partij, des te meer bij de online verkoop van kunstwerken. Het is dan ook van belang om aan alle informatieverplichtingen te voldoen om erop te kunnen vertrouwen dat de koop onherroepelijk is geworden.

Wanneer zorgvuldig onderhandelde commerciële overeenkomsten tussen twee professionele partijen ter dispuut staan, komt groot gewicht toe aan de taalkundige betekenis van de overeenkomst. In zo’n geval dragen partijen een zware bewijslast om succesvol aan te kunnen tonen dat hun intenties afwijken van de taalkundige interpretatie van de overeenkomst. Deskundig advies over de formulering van commerciële overeenkomsten is hierom van onschatbare waarde om ervoor te zorgen dat de wensen van de betrokken partijen nauwkeurig worden vastgelegd.

Transnationale transacties maken een steeds groter aandeel uit van de handel in kunst. Als gevolg hiervan komt het steeds vaker voor dat partijen geconfronteerd worden met juridische acties buiten de jurisdictie van hun thuisstaat. In principe wordt de rechtsbetrekking tussen partijen uit verschillende landen beheerst door de regels van het internationaal privaatrecht. Dit is echter niet het geval wanneer de partijen een uitdrukkelijke keuze hebben gemaakt voor de toepassing van een bepaald recht.

Om onaangename verrassingen te voorkomen wordt partijen aangeraden om forumkeuze- en een rechtskeuzebeding op te nemen in de overeenkomst. Desalniettemin kunnen Internationale verdragen en EU-wetgeving voorrang hebben boven nationale wetgeving (zelfs in het geval van een rechtskeuzebeding). Zo kan het zogeheten Weens Koopverdrag (CISG) van toepassing zijn op internationale transacties tussen professionele partijen die beide zijn gevestigd in een land dat partij is bij de CISG. Dit verdrag is door een groot aantal Europese landen geratificeerd, waaronder Nederland.

Misschien vindt u dit ook interessant

Reorganisatie-restitutiecommissie