Blokkeringsregeling bij verkoop van aandelen en certificaten
Blokkeringsregeling bij verkoop van aandelen en certificaten

Failliet. Bestuurder aansprakelijk?

“Die bestuurder is een boef en ze laten hem zomaar lopen”. Het zijn veel gehoorde geluiden in faillissementsland. Hoe zit het nu met de bestuurdersaansprakelijkheid in faillissement?

Een rechtspersoon heeft rechten en verplichtingen en heeft een eigen, afgescheiden vermogen. Een rechtspersoon kan echter zelf geen (feitelijke) handelingen verrichten. Daarvoor is altijd de tussenkomst van (uiteindelijk) een natuurlijke personen vereist.
Zij die rechtshandelingen plegen namens de rechtspersoon verbinden in beginsel dus niet zichzelf maar de rechtspersoon die zij besturen. Toch kan uit die handelingen een aansprakelijkheid van die bestuurder in persoon voortvloeien. Hoe zit dat nou bij ene faillissement.

Aansprakelijkheid ten opzichte van de crediteuren op grond van onrechtmatige daad
Een bestuurder kan aansprakelijk zijn ten opzichte van een of meer crediteuren op grond van onrechtmatige daad. Indien een bestuurder onrechtmatig heeft gehandeld en de gezamenlijke crediteuren heeft benadeeld kan de curator schadevergoeding vorderen van de betrokken bestuurder. Gaat het om een onrechtmatige daad ten opzichte van een bepaalde crediteur, bijvoorbeeld indien de bestuurder werkzaamheden heeft opgedragen, terwijl de bestuurder wist of moest weten dat de vennootschap de crediteur niet kon betalen, dan kan deze crediteur de bestuurder aanspreken buiten de curator om. De Hoge Raad heeft dat inmiddels bepaald. Als crediteur heeft u dus de mogelijkheid om de bestuurder zelf aan te spreken.

Aansprakelijkheid ten opzichte van de curator
De curator is belast met de afwikkeling van het faillissement. Hij zal moeten onderzoeken of de bestuurder heeft gehandeld zoals van een behoorlijk bestuurder te verwachten valt. Daarbij kijkt hij ook naar wat er in de branche gewoon is. De curator kan de bestuurders van de failliete vennootschap hoofdelijk aansprakelijk stellen voor het volledige faillissementstekort (dat zijn alle schulden minus de gerealiseerde baten), indien er sprake is van kennelijk onbehoorlijk bestuur.

Op grond van artikel 2:10 BW is het bestuur verplicht een zodanige administratie te voeren dat de vermogensrechtelijke verplichtingen te allen tijde kunnen worden gekend. Voorts is de bestuurder gehouden jaarlijks binnen 13 maanden na afloop van het boekjaar de jaarrekening te deponeren bij de Kamer van Koophandel.

Op grond van de wet is de bestuurder van de vennootschap voor het tekort in het faillissement aansprakelijk, indien de bestuurder zijn taak kennelijk onbehoorlijk heeft verricht en aannemelijk is, dat dit een belangrijke oorzaak is van het faillissement. Indien het bestuur niet heeft voldaan aan haar tot het bijhouden van een behoorlijke administratie en de zogenaamde publicatieverplichtingen, heeft het bestuur zijn taak onbehoorlijk vervuld en wordt vermoed dat onbehoorlijk bestuur een belangrijke oorzaak is van het faillissement. Dit vermoeden is weerlegbaar.

De bewijslast wordt dus omgekeerd. De bestuurder zal moeten bewijzen dat de oorzaak van het faillissement een van buiten afkomstige oorzaak is. Het argument, dat het slecht gaat met de economie is niet voldoende.

Als de curator blijkt dat de publicatie van de jaarrekening te laat is geschied (na 13 maanden), kan de curator profiteren van de bewijslast omkering. Er moet dan wel sprake zijn van een belangrijk verzuim van de publicatie. De Hoge Raad achtte onder bepaalde omstandigheden een overschrijding van met 14 dagen onbelangrijk.

De curator kan de vordering wegens kennelijk onbehoorlijk bestuur instellen op grond van een onbehoorlijke taakvervulling in de periode drie jaren voorafgaande aan het faillissement. Bij niet voldoening aan een wettelijke verplichting zijn alle bestuurders en beleidsbepalers hoofdelijk aansprakelijk. De curator staat het derhalve vrij om te kiezen welke bestuurders hij wenst te dagvaarden, bijvoorbeeld alleen de bestuurder die verhaal biedt. Overigens kunnen bestuurders zich niet verschuilen achter het feit dat zij een andere portefeuille hebben gehad.