weigeren uitvaart
weigeren uitvaart

ILO case law: De internationale organisatie en de beëindiging van de arbeidsovereenkomst tijdens de proeftijd

Den Haag telt verschillende internationale organisaties. Binnen deze organisaties is het Nederlandse arbeidsrecht niet van toepassing. De arbeidsrelatie is onderworpen aan de eigen regels van de betreffende organisatie, waarbij ook een interne procedure geldt. Na deze doorlopen te hebben, kan een werknemer (Staff member) zich wenden tot de Internationale Arbeidsorganisatie, beter bekend onder de Engelse benaming: the International Labour Organisation (ILO).

Feiten

Deze weg werd bewandeld door een werknemer van de Technical Centre for Agricultural and Rural Cooperation (CTA). Meneer is op 15 april 2009 bij CTA in dienst getreden voor onbepaalde tijd, waarbij een proeftijd gold van 6 maanden. Op 15 juli werd hem gemeld dat er twijfels bestonden omtrent zijn professionele geschiktheid. Vervolgens vond op 6 augustus een gesprek met HR plaats, waarin dit nader werd besproken. De daaropvolgende dag kreeg de werknemer te horen dat zijn contract met onmiddellijke ingang werd beëindigd. Naar aanleiding van de interne procedure werd meneer uiteindelijk op 4 juli 2012 geïnformeerd dat verzoening tussen partijen niet mogelijk was gebleken. Daarop diende hij een klacht in bij de ILO, waarop op 30 juni 2015 is besloten.

Ontvankelijkheid

CTA stelt zich allereerst op het standpunt dat meneer te laat is met het indienen van zijn klacht. Volgens de statuten van de ILO had hij deze binnen 90 dagen moeten indienen. Te rekenen vanaf 4 juli 2012 is 3 oktober 2012 te laat, aldus CTA. De ILO oordeelt dat de termijnen strak worden gehandhaafd. Op dit uitgangspunt is alleen een uitzondering mogelijk als de werknemer niet tijdig van de aangevochten beslissing kon weten, of als de werkgever de werknemer heeft misleid door bijvoorbeeld foutieve informatie te verstrekken. Van dit laatste was hier sprake. De staff regulations zoals deze intern bij CTA gelden, vermelden namelijk dat de werknemer 3 maanden de tijd heeft om de procedure bij de ILO te starten. De werknemer mocht hier daarom vanuit gaan. De klacht wordt daarom beschouwd als tijdig ingediend, en inhoudelijk behandeld.

Het ontslag

De ILO stelt voorop dat zij het ontslag tijdens de proeftijd marginaal toetst. Uitzonderingen daargelaten zal zij niet beoordelen of de reden van het ontslag juist of voldoende is. Wel toetst zij het ontslag aan de formele aspecten en regels. Vervolgens zet de ILO uiteen dat volgens vaste jurisprudentie van een internationale organisatie wordt verwacht dat zij haar werknemers, zeker degene die in hun proeftijd zitten, begeleiding, instructies en advies geeft omtrent het functioneren. Daarbij kan de werknemer aanspraak maken op het stellen van doelen zodat helder is hoe het functioneren wordt beoordeeld. Mocht de werknemer niet geschikt blijken, dan dient hij hiervan tijdig op de hoogte te worden gebracht, zodat verbetering nog mogelijk is en een beëindiging van de arbeidsverhouding kan worden voorkomen. Dit alles heeft CTA nagelaten. De ILO acht dit in strijd met de op de internationale organisatie rustende zorgplicht ten opzichte van haar werknemer. Nu niet vaststaat dat de werknemer ook had kunnen blijven na afloop van de proeftijd als de bovengenoemde voorschriften wel door CTA in acht worden genomen, wordt de toekenning van de loonvordering beperkt tot het salaris over de resterende duur van de proeftijd. Daarnaast moet CTA de werknemer € 5.000,- aan immateriële schade vergoeden, alsmede € 1.000,- voor door hem gemaakte kosten.