Blokkeringsregeling bij verkoop van aandelen en certificaten
Blokkeringsregeling bij verkoop van aandelen en certificaten

Incasseren van een vordering in het buitenland

Heeft u jarenlang geprocedeerd en uiteindelijk een vonnis gehaald, blijkt uw wederpartij in het buitenland te wonen. Of heeft u vonnis gehaald in het buitenland en moet u dat in Nederland ten uitvoer leggen, dan moet u het volgende goed in de gaten houden.

Een vonnis in het buitenland

De wetgeving op het ten uitvoer leggen van (buitenlandse) vonnissen is gewijzigd. Procedures die voor 10 januari 2015 zijn gestart en waarvan nu vonnis wordt gewezen dienen nog op de oude wijze ten uitvoer gelegd te worden. Dat betekent dat er een executeur gehaald moet worden in het land waar men het ten uitvoer wil leggen. Bij de bevoegde rechter moest een verzoek worden gedaan om het buitenlandse vonnis ten uitvoer te mogen leggen. Voor procedures die na 10 januari 2015 zijn gestart gelden de nieuwe regels. Sinds 10 januari 2015 is de Europese verordening (Verordening (EU) Nr. 1215/2012) van kracht. Deze verordening wordt ook wel Bussel I bis genoemd. Daarvoor hoeft geen executeur gehaald te worden. Die is in de verordening afgeschaft. Partijen kunnen zich dus rechtstreeks wenden tot de in die lidstaat bevoegde tenuitvoerleggingsinstantie. Het enige wat men moet doen is een ingevuld certificaat meesturen. De tenuitvoerleggende partij (in Nederland de deurwaarder) hoeft dus niet meer eerst langs de rechter, maar kan de beslissing en het bijbehorende certificaat rechtstreeks aan de schuldenaar betekenen. De afschaffing van de exequaturprocedure lijkt de tenuitvoerlegging van beslissingen in het buitenland te vergemakkelijken. Toch kan een tenuitvoerlegging ook onder het nieuwe regime nog steeds worden geweigerd. Dit kan alleen nog tijdens de executie en niet meer daarvoor. Door de betekening van de beslissing en het certificaat aan de geëxecuteerde raakt deze partij op de hoogte van de op handen zijnde tenuitvoerlegging. Hij zal zich dan met een beroep op de weigeringsgronden tot de bevoegde rechterlijke instantie kunnen richten om tenuitvoerlegging af te wenden. Feit is wel dat het vonnis dan al ten uitvoer wordt gelegd.