Duur partneralimentatie (deel 3): Kan iemand zijn alimentatierechten verspelen?

Veel alimentatieplichtigen zien in het gedrag van de alimentatiegerechtigde reden om de stoppen met het betalen van partneralimentatie. Zo simpel ligt dat echter niet. Weliswaar is in de rechtspraak een toename te bespeuren van het aantal gevallen waarin sprake is van zodanig wangedrag van de alimentatiegerechtigde dat van de alimentatieplichtige niet langer gevergd kan worden dat hij bijdraagt in het levensonderhoud van de alimentatiegerechtigde, maar dat blijft beperkt tot uitzonderlijke gevallen.

Wangedrag

Niet alleen financiële maar ook niet-financiële factoren kunnen een rol spelen bij het bepalen van partneralimentatie. Bij kinderalimentatie is dat niet het geval. Het gedrag van kinderen tot 18 jaar kan nimmer een reden zijn om de alimentatie stop te zetten of te matigen. De alimentatieplichtige die partneralimentatie aan zijn ex-echtgenote betaalt, komt een beroep op zogenaamd “wangedrag” toe als gevolg waarvan de alimentatieplicht komt te vervallen, dan wel wordt gematigd of wordt beperkt in duur.

Bewijslast

De bewijslast ligt bij de alimentatieplichtige. Hij moet bewijzen dat sprake is van zodanig laakbaar gedrag van de alimentatiegerechtigde dat van hem niet verwacht kan worden dat hij partneralimentatie aan haar betaalt. In de praktijk loopt het voor alimentatieplichtigen vaak spaak op een gebrek aan bewijs. Relevant is de ernst van het wangedrag, althans het schokkende effect daarvan op de alimentatieplichtige, maar ook de duur van het huwelijk, het rollenpatroon etc.

Wanneer?

Enkele voorbeelden uit de praktijk: – poging tot moord; – uiterst kwetsende uitspraken of gedragingen/leugens verspreiden; – het stelselmatig frustreren van een bezoekregeling; – stalking; – vernieling. Vreemdgaan door de alimentatiegerechtigde wordt niet als zodanig grievend gedrag beschouwd dat de plicht tot het betalen van partneralimentatie eindigt. Het verhuizen van de alimentatiegerechtigde met de kinderen naar de Filipijnen, zonder medeweten van de alimentatieplichtige, en het in de waan laten van de alimentatieplichtige dat hij de vader is van het kind van de alimentatiegerechtigde, worden wel als zodanig gedrag beschouwd. Het hangt sterk af van de feiten en omstandigheden van het specifieke geval of een beroep op wangedrag kans van slagen heeft. Als u meer over dit onderwerp wil weten, aarzel dan niet contact met mij op te nemen. Zie ook mijn vorige twee weblogs over de duur van alimentatie: Duur partneralimentatie (deel 1): Is termijn van 12 jaar wet van Meden en Perzen? Duur partneralimentatie (deel 2): Maakt samenwonen een einde aan de alimentatieplicht?


Publicatiedatum:25 september 2011