Nakomen van pensioentoezegging
Nakomen van pensioentoezegging

Nakomen van pensioentoezegging

Komt een werkgever zijn verplichting om zorg te dragen voor een pensioenregeling niet na? Dan kan een werknemer een vordering tot nakoming en/of schadevergoeding indienen. Nakoming van de pensioenovereenkomst is niet aan de orde als de werknemer inmiddels uit dienst is. Een werknemer kan dan betaling van zijn schade door het missen van pensioenrechten vorderen. Dat gebeurde ook in een recente rechtszaak.

Een pensioenovereenkomst geeft een werknemer recht op pensioen. Een werkgever is in dat geval verplicht de pensioenpremies te voldoen en ervoor te zorgen dat de pensioenovereenkomst volgens de regels wordt gerealiseerd. Dit betekent ook het maandelijks inhouden van een werknemersdeel op het loon, dat de werkgever samen met zijn eigen werkgeversdeel afdraagt aan de  pensioenuitvoerder. In de zaak in kwestie vorderde een voormalig werknemer schadevergoeding wegens het niet nakomen van de (in de arbeidsovereenkomst opgenomen) verplichting van zijn werkgever tot het verzorgen van aanmelding bij het pensioenfonds en het afdragen van premies. De schadevergoeding was gelijk aan het deel van de pensioenpremies dat voor rekening van de werkgever kwam. Die premies had de werkgever tegen de afspraak in niet afgedragen, stelde de werknemer.

Deelnameformulier

In de arbeidsovereenkomst was opgenomen dat de werkgever zorg zou dragen voor afdracht van premies bij het pensioenfonds. De werkgever was deze afspraak niet nagekomen. Hij had op het loon van de werknemer geen werknemersbijdrage voor de pensioenpremie ingehouden en zelf geen pensioenpremie afgedragen. Volgens de werkgever was de reden daarvoor dat de werknemer het aanbod tot deelname aan de pensioenregeling niet had aanvaard, omdat hij het deelnameformulier daartoe niet had ingevuld en teruggestuurd. Hieruit leidde de werkgever af dat de werknemer niet de wil had om een pensioenovereenkomst aan te gaan. De werknemer sprak dit tegen. Het hof oordeelde – net zoals de kantonrechter – in het voordeel van de werknemer. Volgens het hof mocht de werkgever er niet zonder meer op vertrouwen dat de werknemer niet wilde deelnemen aan de pensioenregeling.

In de arbeidsovereenkomst was de afspraak over de  pensioenregeling immers al gemaakt. Als de werkgever daarvan wilde afwijken, had hij de werknemer daar deugdelijk over moeten informeren. De werkgever in deze zaak was er te gemakkelijk van uitgegaan dat de werknemer geen pensioenregeling wilde, doordat hij zich daar niet afzonderlijk voor had opgegeven met een deelnameformulier. De conclusie was dat de werkgever niet had voldaan aan zijn verplichting uit de pensioenovereenkomst tot het onderbrengen van het pensioen en de premieafdracht. De werkgever moest daarom de schade die de werknemer leed door het missen van twee jaar pensioenopbouw vergoeden. Gerechtshof ’s-Hertogenbosch 3 mei 2022, ECLI(verkort):1408

Licht medewerkers goed voor over de pensioenregeling

Wat leert deze uitspraak? Met name dat voorlichting van medewerkers over de pensioenregeling én duidelijke afspraken daarover essentieel zijn bij de totstandkoming en nakoming van een pensioenovereenkomst.

Bewust

Uw organisatie mag er niet zonder meer op vertrouwen dat een medewerker niet wil deelnemen aan een pensioenregeling. Ze zal moeten nagaan of medewerkers zich wel voldoende bewust zijn  van de gevolgen daarvan; namelijk het niet opbouwen van pensioen.

Zorgplicht

Als uw organisatie vervolgens een pensioenovereenkomst sluit met haar werknemers, neemt ze, als werkgever met minder dan vijftig medewerkers in dienst, een zorgplicht op zich. Die  zorgplicht komt er onder meer op neer dat uw organisatie werknemers goed informeert over de inhoud van de pensioenregeling en blíjft informeren, zoals over wijzigingen hierin. Bovenstaande uitspraak laat ook zien dat de (financiële) gevolgen van onduidelijke afspraken over een pensioenregeling groot kunnen zijn. Uw organisatie moet er bovendien op letten dat ze niet onbewust een pensioenverplichting op zich neemt; zoals de werkgever in deze zaak.

Meer informatie?

Heeft u een vraag? Neemt u dan gerust contact met ons op.

Rechtbank Amsterdam 13 september 2021, ECLI(verkort): 5029.

Dit artikel verscheen eerder in Rendement.