21 april 2014

Belangrijkste veranderingen arbeidsrecht per 1 juli

Door GMW advocaten

Binnenkort zal blijken of het wetsvoorstel Werk en Zekerheid wordt aangenomen door de Eerste Kamer.

Hoogstwaarschijnlijk zijn dit de belangrijkste wijzigingen per 1 juli 2014:

1.       De proeftijd

In een tijdelijk contract van zes maanden of minder mag geen proeftijdbeding meer worden opgenomen. Gebeurt dit toch, dan is het beding nietig en kan de werkgever zich niet op de proeftijd beroepen.

2.       Het concurrentiebeding

In beginsel is een concurrentiebeding niet meer toegestaan in een contract voor bepaalde tijd. Wel komt er een uitzondering: als de werkgever vindt dat dat het opnemen van een concurrentiebeding vanwege zwaarwegende bedrijfs- of dienstbelangen noodzakelijk is. De werkgever moet dit wel in het beding motiveren. Zonder die motivering is het concurrentiebeding in een tijdelijk contract nietig. De werknemer kan natuurlijk van mening zijn dat de motivering niet voldoende is of niet meer van toepassing. In dat geval kan de werknemer een verzoek aan de rechter doen om het beding te vernietigen. Ook kan de werknemer naar de rechter stappen als hij meent dat het nadeel dat hij ondervindt van het beding zwaarder weegt dan het belang van de werkgever. Lees verder over het concurrentiebeding.

3.       De aanzegplicht

Per 1 juli treedt met de nieuwe wetgeving de zogenaamde aanzegplicht in werking. Dat houdt in dat de werkgever bij een tijdelijke contract van zes maanden of langer verplicht wordt om uiterlijk één maand voor het einde te laten weten of hij het contract voortzet. Indien hij het contract voortzet moet de werkgever aangeven onder welke voorwaarden dat gebeurt. Een werkgever die deze verplichting niet nakomt moet de werknemer een vergoeding betalen van één maandsalaris. Komt de werkgever deze verplichting wel na maar niet op tijd (bijv. 2 weken voordat het contract afloopt) dan is een vergoeding naar rato verschuldigd. Lees verder over opzegtermijen.

4.       Oproepcontracten

In de huidige wetgeving (art. 7:628 BW) bestaat de optie om in de eerste zes maanden van een oproepcontract de loondoorbetalingsverplichting van de werkgever uit te sluiten. Bij cao kan deze uitsluitingstermijn van zes maanden nu nog onbeperkt worden verlengd. Hierdoor kan volgens de regering oneigenlijk gebruik van oproepcontracten worden gemaakt. Daarom wordt de mogelijkheid om bij cao van deze zes maanden termijn af te wijken per 1 juli flink ingeperkt. Doel van de wijziging is om gebruik van oproepcontracten langer dan zes maanden tegen te gaan. Lees verder over flexibele arbeidsrelaties.

Overgangsperiode

Bij aanname door de Eerste Kamer treden de wijzingen treden in werking per 1 juli aanstaande. Alle (tijdelijke) arbeidsovereenkomsten die worden aangegaan of verlengd op of na 1 juli 2014, vallen dan onder het nieuwe recht. De aanzegplicht geldt ook voor lopende tijdelijke contracten die op of na 1 augustus 2014 van rechtswege eindigen.   Lees verder over het huidige arbeidsrecht.

GMW-advocaten

GMW advocaten

Advocaat

Onze advocaten hebben ieder hun eigen specialistische expertise en ervaring. Wat zij met elkaar delen, is hun gedrevenheid en service gerichte aanpak. Met als doel: de beste oplossing voor onze cliënten bereiken.

Gerelateerde blogs

Vorige slide
Volgende slide

21 april 2026

Ontslag van werknemer bij langdurige arbeidsongeschiktheid

Als werkgever kunt u het dienstverband met een zieke werknemer beëindigen na 104 weken ziekte. Dit kan via een vaststellingsovereenkomst of met een ontslagvergunning van het UWV. Maar wanneer kunt u precies zo'n ontslagvergunning aanvragen?

Lees meer

Lees meer over

13 april 2026

Vete rond verplichte scholing

Als het behalen van een diploma noodzakelijk is voor het uitoefenen van een functie en de werkgever deze scholing eist, stuurt en/of organiseert, is een studiekostenbeding nietig. De studiekosten hiervoor mag hij dan niet terugvorderen. Dit bleek onlangs weer in een rechtszaak.

Lees meer

Lees meer over

25 maart 2026

Conflict of functioneringsproblematiek?

Over een werknemer komen de nodige klachten binnen. De werknemer kan niet samenwerken met collega’s en in teams en ook met diverse, achtereenvolgende leidinggevenden kan de werknemer niet door één deur.

Lees meer

Lees meer over

18 maart 2026

Mag een werkgever een hond op het werk verbieden?

Werkgevers beschikken over het zogenoemde instructierecht. Dit betekent dat zij bevoegd zijn om eenzijdig instructies en voorschriften te geven aan werknemers over het verrichten van arbeid.

Lees meer

Lees meer over

11 februari 2026

Liefde op de werkvloer: grenzeloos?

Wat te doen als er door een liefdesrelatie tussen collega’s spanningen en problemen op de werkvloer ontstaan? Als het nadelige effecten heeft op de inhoud van het werk of de sfeer, mag de werkgever een liefdesrelatie tussen medewerkers dan verbieden, of daar grenzen aan stellen? Deze vragen komen regelmatig aan de orde in rechtszaken.

Lees meer

Lees meer over
Alle artikelen