14 augustus 2019

Pensioenrecht is niet voor koekenbakkers, maar het gaat er wel over

Door Koen Vermeulen

De meeste werknemers hebben bij pensioen geen keuze: pensioen wordt opgebouwd bij het bedrijfstakpensioenfonds waaraan hun werkgever verplicht pensioenpremie moet afdragen.

De meeste werknemers hebben bij pensioen geen keuze: pensioen wordt opgebouwd bij het bedrijfstakpensioenfonds waaraan hun werkgever verplicht pensioenpremie moet afdragen. Dat lijkt overzichtelijk. Maar is een bron van onzekerheid en rechtszaken, omdat het soms onduidelijk is of bepaalde activiteiten of producten van een werkgever wel vallen onder een verplicht pensioenfonds.

Zo ook de vraag of een onderneming die poffertjes en pannenkoeken bakt, pensioenpremie moet betalen aan het Bedrijfstakpensioenfonds Zoetwaren (Bpf). De rechter in Rotterdam heeft daarbij recent moeten beoordelen of een pannenkoek een koek is. Wat volgt is een uitspraak die leest als een kookboek, en intussen wel gaat over een vordering van 8,5 miljoen euro aan achterstallige pensioenpremie.

Werkingssfeer pensioenfonds

Deze onderneming produceert sinds 1995 poffertjes en pannenkoeken en heeft een eigen pensioenregeling bij Aegon. Maar als het bakken van pannenkoeken zou vallen onder de werkingssfeer van het zogeheten verplichtstellingsbesluit van het Bpf Zoetwarenindustrie, dan geldt de verplichting om – met terugwerkende kracht – pensioenpremie aan dat Bpf te betalen. De vraag is dan altijd wat voor werkzaamheden de onderneming (hoofdzakelijk) verricht en hoe die passen binnen de definities van activiteiten, producten of werkzaamheden zoals die staan in dat verplichtstellingsbesluit.

Pannenkoek ≠ koek

De rechter moet in deze zaak de vraag beantwoorden of poffertjes en pannenkoeken kwalificeren als “koek” zoals genoemd in dat verplichtstellingsbesluit. Door het ontbreken van definities gaat de rechter te rade bij Van Dale, Wikipedia, een marktonderzoek onder consumenten en bij een bakkerijwetenschapper voor de vraag of pannenkoeken en poffertjes moeten worden gezien als koek. Het antwoord daarop is “nee”. Ook bespreekt de kantonrechter het verschil in ingrediënten tussen en bereiding van poffertjes en pannenkoeken enerzijds en koekjes anderzijds. Tot in detail bespreekt de kantonrechter de verhoudingen bloem, meel, eieren en suiker, de verschillen tussen deeg en beslag en het verschil in bakproces.

Via uitleg van de tekst stelt de kantonrechter daarmee vast dat pannenkoeken en poffertjes geen koek zijn en daarmee ook niet vergelijkbaar zijn. Het is maar dat u het weet!

Geen extensieve interpretatie werkingssfeer Bpf

Voor de kantonrechter is ook van belang dat het Bpf maar duidelijker had moeten zijn in de tekst van het verplichtstellingsbesluit wat precies onder koek moet worden verstaan, als daarmee ook pannenkoeken waren bedoeld. Immers de gevolgen voor een onderneming zijn groot: valt de onderneming wél onder het Bpf dan kost dat 8,5 miljoen euro aan pensioenpremie. En er lagen al enkele zogeheten verplichtstellingsonderzoeken waaruit bleek dat de onderneming niet bij Bpf Zoetwarenindustrie hoort, en dat had het Bpf aanvankelijk ook laten weten. De onderneming moet weten waar hij aan toe is en daarom is er geen plaats voor een extensieve interpretatie van het woord “koek”, aldus de rechter.

Juridische les

Naast deze kookles bevat de uitspraak opnieuw een belangrijke les voor ondernemers. En die is om te (laten) onderzoeken of de onderneming qua activiteiten, werkzaamheden, producten onder één van de verplicht gestelde bedrijfstakpensioenfondsen valt. Een goed moment daarvoor is voorafgaand aan het aangaan van een eigen verzekerde pensioenregeling en bij fusie of overname, of bij wijziging van de bedrijfsactiviteiten. Voor advies daarover kunt u terecht bij de specialisten pensioenrecht van GMW advocaten.

Koen Vermeulen

Advocaat/associate partner

Gerelateerde blogs

Vorige slide
Volgende slide

11 februari 2026

Liefde op de werkvloer: grenzeloos?

Valentijnsdag is weer in aantocht, dus dat roept de vraag op: wat te doen als er door een liefdesrelatie tussen collega’s spanningen en problemen op de werkvloer ontstaan? Als het nadelige effecten heeft op de inhoud van het werk of de sfeer, mag de werkgever een liefdesrelatie tussen medewerkers dan verbieden, of daar grenzen aan stellen? Deze vragen komen regelmatig aan de orde in rechtszaken.

Lees meer

Lees meer over

15 januari 2026

Mededelingsplicht bij sollicitaties

Het is essentieel dat zowel werkgevers als werknemers open en eerlijk communiceren over belangrijke zaken die de werkrelatie kunnen beïnvloeden. Uit een recente uitspraak blijkt dat die openheid al bij aanvang van de arbeidsovereenkomst wordt verwacht

Lees meer

Lees meer over

7 januari 2026

Werkt een werknemer niet mee aan re-integratie? Wat kan de werkgever doen?

Wanneer een werknemer (langdurig) ziek is, is re-integratie een gezamenlijke verplichting van zowel werknemer als werkgever. Maar wat als de werknemer weigert mee te werken aan dit proces? Wat mag u doen volgens de wet? Welke stappen zijn vereist?

Lees meer

Lees meer over

21 december 2025

Werkgever, mag ik overstappen naar de concurrent?

Veel werkgevers nemen in hun arbeidsovereenkomst een concurrentie- en/of relatiebeding op. Als een werknemer aan de slag wil bij een klant of een concurrent van de werkgever en de werkgever staat dit niet toe, dan kan een werknemer zich genoodzaakt zien zich tot de rechter te wenden. Zo ook in de zaak van de kantonrechter Zeeland West-Brabant in mei 2025.

Lees meer

Lees meer over

16 december 2025

Ontbinding met een prijskaartje van €350.000

Sinds de invoering van de WWZ wordt er veel geprocedeerd over de toekenning van een billijke vergoeding. Volgens de wet kan de rechter die toekennen als de arbeidsovereenkomst eindigt als gevolg van ernstig verwijtbaar handelen of nalaten door de werkgever. Hoewel rechters doorgaans terughoudend zijn in de toekenning van (hoge) billijke vergoedingen, hebben we in de zaak van de kantonrechter Amsterdam eind juni 2025 een uitschieter te pakken.

Lees meer

Lees meer over
Alle artikelen