30 april 2021

Vijf valkuilen bij het opstellen van een arbeidsovereenkomst (deel 1)

Door Seliz Demirci

In deze reeks bespreek ik vijf valkuilen bij het opstellen van een arbeidsovereenkomst.

In deze blog komt de proeftijd en de opzegtermijn aan de orde. In het tweede deel bespreek ik het tussentijds opzegbeding, de informatieplicht, en het concurrentieverbod.

 

– 1 Proeftijd

De grootste valkuil: de proeftijd. Als u een nieuwe werknemer aanneemt, wilt u misschien eerst kijken wat voor vlees u in de kuip heeft. Een proeftijd is daarvoor bedoeld. Doorgaans vermeldt de arbeidsovereenkomst dan ook een proeftijd. Hoe langer de proeftijd hoe beter, denk u dan misschien. Niets is minder waar. De regels voor een proeftijd zijn streng.

  • In een arbeidsovereenkomst voor maximaal 6 maanden mag geen proeftijd staan.
  • In een arbeidsovereenkomst langer dan 6 maanden mag een proeftijd van één maand staan;
  • In een arbeidsovereenkomst voor twee jaar of langer mag een proeftijd van twee maanden staan.

Het gebeurt vaak dat een langere proeftijd wordt opgenomen. Ik raad dit af. Een te lange proeftijd is niet geldig. De rechter verandert deze niet in een geldige proeftijd. Ook niet wanneer de opzegging binnen een geldige proeftijdperiode zou vallen. De gehele proeftijdafspraak is dan ongeldig. Gevolg: een vervelende procedure en de werknemer blijft in dienst. Kijk uw proeftijdbepaling daarom goed na.

 

– 2 Opzegtermijn

Valkuil 2 is de opzegtermijn. De opzegtermijn voor uw werknemer is één maand. De opzegtermijn is afhankelijk van de uiteindelijke duur van de arbeidsovereenkomst. U begint met één maand en elke vijf jaar komt er één maand bij.

Afwijken mag. Als u dit volgens de regels doet. Uw werknemer mag geen langere opzegtermijn hebben dan zes maanden. Uw opzegtermijn is minimaal het dubbele.

Soms vermeldt een arbeidsovereenkomst: “Werknemer heeft een opzegtermijn van twee maanden”. Dat klinkt aantrekkelijk. Werknemer moet na opzegging nog twee maanden blijven werken, en u heeft meer tijd om naar vervanging te zoeken. Maar deze afwijking is niet geldig. Werknemer mag dan kiezen. Hij of zij gaat zelf weg met één maand opzegtermijn, óf kiest ervoor om u als werkgever aan vier maanden opzegtermijn te houden. Dat valt dan behoorlijk tegen. Denk daarom goed na over welke opzegtermijn u wilt afspreken, en hoe u dit opschrijft.

Heeft u een vraag over het opstellen van een arbeidsovereenkomst? Neem gerust contact met mij op. 

Gerelateerde blogs

Vorige slide
Volgende slide

11 februari 2026

Liefde op de werkvloer: grenzeloos?

Valentijnsdag is weer in aantocht, dus dat roept de vraag op: wat te doen als er door een liefdesrelatie tussen collega’s spanningen en problemen op de werkvloer ontstaan? Als het nadelige effecten heeft op de inhoud van het werk of de sfeer, mag de werkgever een liefdesrelatie tussen medewerkers dan verbieden, of daar grenzen aan stellen? Deze vragen komen regelmatig aan de orde in rechtszaken.

Lees meer

Lees meer over

15 januari 2026

Mededelingsplicht bij sollicitaties

Het is essentieel dat zowel werkgevers als werknemers open en eerlijk communiceren over belangrijke zaken die de werkrelatie kunnen beïnvloeden. Uit een recente uitspraak blijkt dat die openheid al bij aanvang van de arbeidsovereenkomst wordt verwacht

Lees meer

Lees meer over

7 januari 2026

Werkt een werknemer niet mee aan re-integratie? Wat kan de werkgever doen?

Wanneer een werknemer (langdurig) ziek is, is re-integratie een gezamenlijke verplichting van zowel werknemer als werkgever. Maar wat als de werknemer weigert mee te werken aan dit proces? Wat mag u doen volgens de wet? Welke stappen zijn vereist?

Lees meer

Lees meer over

21 december 2025

Werkgever, mag ik overstappen naar de concurrent?

Veel werkgevers nemen in hun arbeidsovereenkomst een concurrentie- en/of relatiebeding op. Als een werknemer aan de slag wil bij een klant of een concurrent van de werkgever en de werkgever staat dit niet toe, dan kan een werknemer zich genoodzaakt zien zich tot de rechter te wenden. Zo ook in de zaak van de kantonrechter Zeeland West-Brabant in mei 2025.

Lees meer

Lees meer over

16 december 2025

Ontbinding met een prijskaartje van €350.000

Sinds de invoering van de WWZ wordt er veel geprocedeerd over de toekenning van een billijke vergoeding. Volgens de wet kan de rechter die toekennen als de arbeidsovereenkomst eindigt als gevolg van ernstig verwijtbaar handelen of nalaten door de werkgever. Hoewel rechters doorgaans terughoudend zijn in de toekenning van (hoge) billijke vergoedingen, hebben we in de zaak van de kantonrechter Amsterdam eind juni 2025 een uitschieter te pakken.

Lees meer

Lees meer over
Alle artikelen