9 september 2019

Verhuur in de zorg: is dat verhuur of zorg?

Door Stephanie de Wit

Sinds 2013-2016 is het Scheiden van Wonen en Zorg doorgevoerd. Een ander woord hiervoor is “extramuralisering”.

Het betekent dat de wooncomponent in de zorg voortaan apart van de zorg gefinancierd wordt. Dit geldt voor de meeste zorgzwaartepakketten (ZZP 1, 2 en grotendeels 3 en 4). Voor de zwaarste zorgpakketten geldt het niet. Daar wordt geen onderscheid gemaakt tussen Wonen en Zorg. Een ander woord daarvoor is “intramurale zorg”. Dit artikel gaat alleen over extramurale zorg.

Extramuralisering

De behoefte aan extramuralisering is ontstaan doordat de overheid wil dat mensen met een zorgbehoefte steeds langer thuis blijven wonen. Ze kopen alleen de hulp in die ze nodig hebben, op basis van een voor hen vooraf vastgesteld bedrag: het persoonsgebonden budget (Pgb). Het Pgb kan worden aangewend op basis van de Wet langdurige zorg (Wlz), Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo), Zorgverzekeringswet (Zvw) of de Jeugdwet. Doordat niet langer automatisch ook de wooncomponent vergoed wordt, blijft de zorg betaalbaar.

Diversiteit woonvormen in de zorg en de gevolgen daarvan

Ook bij de aparte financiering van de zorg, kan er behoefte zijn aan andere woonvormen dan het wonen in een eigen (gekochte of gehuurde) individuele woning. In de afgelopen jaren is er een grote diversiteit aan woonvormen in de zorg ontstaan, om zo in te spelen op de wensen van de “moderne” zorgbehoeftige. Enkele voorbeelden zijn: de aanleunwoning, gemeenschappelijk wonen voor ouderen, kleinschalig wonen, begeleid wonen, et cetera. Bij al deze woonvormen wordt, al dan niet in één contract, naast de zorgovereenkomst een huurovereenkomst gesloten met de gebruiker. Vaak is het mogelijk voor de gebruiker om voor de financiering van de bewoning huurtoeslag te krijgen.

Het hebben van een huurovereenkomst heeft echter veel meer gevolgen dan het kunnen aanvragen van huurtoeslag. In het geval van een huurovereenkomst zijn er bijvoorbeeld specifieke regels van toepassing voor het herstellen van gebreken, huurprijsregulering, onderhuur en opzeggingsvereisten. De gebruiker kan zich daardoor mogelijk beroepen op huurbescherming. Dit strookt vaak niet met de regels van de zorgovereenkomst. Voorbeeld: in de zorgovereenkomst staat dat bij het staken van de zorgafname de woning weer ter beschikking gesteld moet worden. Het staken van de zorgafname is echter geen geldige opzeggingsgrond in het huurrecht. Prevaleert hier nu de zorgovereenkomst of de huurovereenkomst?

Voorrang aan zorgovereenkomst of aan huurovereenkomst?

Bij een gemengde overeenkomst, dus de zorgovereenkomst en de huurovereenkomst in één contract, geldt het volgende. Op basis van artikel 6:215 BW zijn zowel de bepalingen uit de zorgovereenkomst als de bepalingen uit de huurovereenkomst naast elkaar van toepassing, tenzij dat niet kan vanwege botsing van de bepalingen of wanneer de aard van de overeenkomst zich tegen toepassing verzet.

Bij twee aparte overeenkomsten wordt door de zorgorganisatie/verhuurder vaak een koppelbeding in beide overeenkomsten opgenomen. Het koppelbeding bepaalt dan dat de huurovereenkomst eindigt als de zorgovereenkomst eindigt. Een koppelbeding houdt in rechte echter niet altijd stand.

In de jurisprudentie is nader uitgewerkt welke overeenkomst bij gemengde overeenkomsten dient te prevaleren, en/of wanneer een rechtsgeldig beroep op het koppelbeding gedaan kan worden. In het algemeen geldt dat bij de aanwezigheid van de volgende omstandigheden de bepalingen van de huurovereenkomst zullen wijken voor de zorgovereenkomst.

  • De zorg is het overheersende element in de overeenkomst.
  • Het wonen is slechts dienstbaar aan de zorg.
  • De woning is alleen ter beschikking gesteld vanwege de zorg.
  • Er is een beleid van handhaving.

Bij het opstellen van zorg- en huurovereenkomsten is het van belang dat de verhouding tussen Wonen en Zorg op een juiste en duidelijke wijze geformuleerd wordt. Alleen op die manier houdt de zorgorganisatie/verhuurder controle op haar gebruikersbestand, en kan zij haar zorgvastgoed aanwenden voor de door haar beoogde doelgroep.

Wilt u uw contracten door ons laten opstellen of controleren? Neem u dan gerust contact op met m.veltkamp@gmw.nl / s.dewit@gmw.nl of bel 070-3615048.

Stephanie de Wit

Advocaat/partner

Gerelateerde blogs

Vorige slide
Volgende slide

4 februari 2026

Volmacht aan een bank geven: wat houdt dit in?

Inmiddels is het standaard dat de bank aan haar klant bij het aangaan van een financieringsovereenkomst een volmacht vraagt. Maar waarom doet een bank dat en op basis waarvan? In deze blog ga ik in op deze vragen en de implicaties voor klanten van de bank.

Lees meer

Lees meer over

3 februari 2026

Verrekening en faillissement: wat mag wél en wat niet?  

Verrekening is een juridisch middel waarbij twee partijen die elkaar iets verschuldigd zijn, hun vorderingen en schulden tegen elkaar kunnen wegstrepen. Dit is in een gewone handelsrelatie in beginsel geen probleem. Zodra er sprake is van een faillissement, gelden er echter andere spelregels.

Lees meer

Lees meer over

20 januari 2026

De voorwaarden bij een bankgarantie tot opheffing van conservatoir beslag

Conservatoir beslag is een krachtig middel voor schuldeisers om hun verhaalspositie veilig te stellen voordat een rechter definitief over een vordering heeft geoordeeld. Voor de beslagene kan een beslag echter zeer ingrijpend zijn. De wet verplicht de beslaglegger daarom om het beslag op te heffen, als hij ‘voldoende zekerheid’ gesteld krijgt voor zijn vordering. Dat gebeurt meestal in de vorm van een bankgarantie. De vraag is wanneer zo’n bankgarantie voldoende is, en met name: wanneer moet zij uitkeerbaar zijn?

Lees meer

Lees meer over

19 januari 2026

Bestuurdersaansprakelijkheid: veel geroepen, moeilijk bewezen

Bestuurdersaansprakelijkheid klinkt dreigend. In de praktijk blijkt een claim van een curator echter moeilijk te winnen. De lat voor bestuurdersaansprakelijkheid ligt namelijk hoog. Het loont dus om kritisch naar deze aansprakelijkheidsvordering te kijken, en daartegen goed verweer te voeren.

Lees meer

Lees meer over

2 december 2025

Verpanding van vorderingen, heeft de pandhouder het laatste woord?

Banken vragen bij elke zakelijke financiering om verstrekking van zekerheidsrechten op activa van uw onderneming. Deze zekerheidsrechten willen zij van u krijgen zodat, in het geval dat u de financiering niet kan betalen, die in zekerheid gegeven activa te gelde kunnen worden gemaakt en de bank zich als schuldeiser met voorrang op andere schuldeisers, zich kan verhalen op de opbrengst.

Lees meer

Lees meer over
Alle artikelen