WHOA afkoelingsperiode

17 februari 2026

WHOA-afkoelingsperiode: rechter eist harde realiteit

Door Christiaan Mensink

De afkoelingsperiode is een belangrijk instrument binnen de WHOA, bedoeld om schuldenaren met liquiditeitsproblemen tijdelijk rust te geven om een akkoord voor te bereiden. Recente rechtspraak laat echter zien dat rechters dit instrument streng toepassen. Drie recente uitspraken uit 2025 maken duidelijk: zonder realistische en uitvoerbare onderbouwing strandt het verzoek.

 

1. WHOA-toestand is geen formaliteit

In alle drie de uitspraken staat de zogenoemde WHOA‑toestand centraal. De rechter toetst daarbij twee facetten:

  1. kan de schuldenaar tijdens de afkoelingsperiode aan zijn lopende verplichtingen voldoen?
  2. is herstructurering noodzakelijk om toekomstige insolventie te voorkomen?

Wanneer de onderneming feitelijk is uitgehold (bijvoorbeeld door overdracht van activa aan een gelieerde stichting) of wanneer betaling van lopende verplichtingen afhankelijk is van onzekere of juridisch geblokkeerde transacties, wordt die WHOA‑toestand niet aangenomen.

2. Prognoses moeten verifieerbaar en uitvoerbaar zijn

Liquiditeitsprognoses spelen een sleutelrol, maar optimistische aannames zijn onvoldoende. Rechters prikken door cijfers heen die:

  • niet worden ondersteund door correctie administratieve bescheiden;
  • essentiële posten missen (BTW, huur, juridische kosten);
  • of afhankelijk zijn van voorwaarden die (nog) niet zijn vervuld.

Ook verklaringen van accountants bieden geen soelaas als zij uitsluitend zijn gebaseerd op door de schuldenaar zelf aangeleverde aannames of louter verwachtingen.

3. Schuldeisersbelang staat voorop

De afkoelingsperiode vergt een duidelijke belangenafweging. Uitgangspunt is dat:

  • de verhaalspositie van schuldeisers niet mag verslechteren;
  • het passief niet mag toenemen zonder voldoende dekking;
  • en aannemelijk moet zijn dat schuldeisers beter af zijn met een WHOA-akkoord dan in faillissement.

Als schuldeisers een reëel belang hebben bij het faillissement van de schuldenaar, bijvoorbeeld om een onderzoek naar mogelijke onrechtmatigheid, bestuurdersaansprakelijkheid of bestaande zekerheidsrechten (zoals een retentierecht) mogelijk te maken, zal de rechter een afkoelingsperiode niet snel toewijzen.

Praktische tips voor adviseurs

Deze rechtspraak biedt duidelijke lessen voor de praktijk:

  • Begin bij de basis: toets kritisch of daadwerkelijk sprake is van een WHOA‑toestand en onderbouw dit concreet.
  • Zorg voor robuuste liquiditeitsprognoses: volledig, realistisch en onderbouwd met verifieerbare stukken.
  • Check uitvoerbaarheid: zijn prognoses afhankelijk van verkopen, herfinanciering of medewerking van schuldeisers? Breng juridische blokkades (zekerheidsrechten) expliciet in kaart.
  • Maak de schuldeisers‑plus inzichtelijk: vergelijk het akkoord expliciet met het faillissementsscenario.
  • Wees consistent en transparant: bijstellingen of onduidelijkheid ondermijnen het vertrouwen van de rechter.

De afkoelingsperiode is geen vangnet om tijd te kopen, maar een instrument voor serieuze en uitvoerbare herstructureringen. Wie gebruik wil maken van de WHOA en een afkoelingsperiode, zal dat met harde cijfers en een realistisch plan moeten doen.

Wat kan GMW voor u betekenen?

De WHOA is een krachtig instrument om ondernemingen perspectief te bieden, maar de lat ligt hoog. Deze rechtspraak laat zien dat kennis, ervaring en een gedegen voorbereiding essentieel zijn om een afkoelingsperiode en uiteindelijk een akkoord succesvol te realiseren.

GMW advocaten begeleidt ondernemers, bestuurders en schuldeisers bij WHOA-trajecten: van de eerste haalbaarheidsanalyse en het opstellen van robuuste liquiditeitsprognoses tot strategische procesvoering bij de rechtbank. Met een scherpe blik op zowel de juridische vereisten als de praktische uitvoerbaarheid.

Wilt u weten of de WHOA in uw situatie een reële optie is – of juist welke positie u als schuldeiser het beste kunt innemen? Neem dan gerust contact met ons op.

De drie recente uitspraken:

Rechtbank Noord-Holland 24 december 2025, ECLI:NL:RBNHO:2025:15474
Rechtbank Gelderland 3 juli 2025, ECLI:NL:RBGEL:2025:8117
Rechtbank Midden-Nederland 27 februari 2025, ECLI:NL:RBMNE:2025:7361

Gerelateerde blogs

Vorige slide
Volgende slide

13 oktober 2026

Turboliquidatie zonder transparantie kan onrechtmatig zijn

Een turboliquidatie is een snelle route om een vennootschap op te heffen.

Lees meer

Lees meer over

22 september 2026

Enkele valkuilen in de beginfase van een start-up

Het starten van een onderneming biedt veel kansen, maar brengt ook juridische risico’s met zich mee. Start-ups bewegen snel. Er is energie, ambitie en vaak een sterke focus op productontwikkeling, groei en financiering. Juist daardoor verdwijnen juridische aandachtspunten soms naar de achtergrond. Begrijpelijk, maar niet zonder gevolgen.

Lees meer

Lees meer over

16 juni 2026

De ondernemer en zijn privévermogen: altijd beschermd?

Ondernemers kunnen op verschillende manieren actief zijn. Zij kunnen bestuurder of directeur-grootaandeelhouder (DGA) zijn van een BV, zelfstandig ondernemer zijn met een eenmanszaak of vennoot zijn binnen een Vennootschap Onder Firma (VOF).

Lees meer

Lees meer over

2 juni 2026

Décharge bij verenigingen

In een recente uitspraak van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden stond de vraag centraal of bestuurders van een vereniging zich op de verleende décharge konden beroepen naar aanleiding van het beleid rond een groot project (de bouw van het clubhuis).

Lees meer

Lees meer over

11 maart 2026

De vof, de vennoten en aansprakelijkheid voor vorderingen

Naast de bekende besloten vennootschappen en eenmanszaken wordt er vaak ook ondernomen in een vennootschap onder firma (vof), waarbij er twee of meer vennoten zijn.

Lees meer

Lees meer over
Alle artikelen