Erfenis-en-DNA-onbekend
Erfenis-en-DNA-onbekend

Erfenis en DNA onbekend

Het is niet uitgesloten dat wanneer vader is overleden en de erfenis reeds is verdeeld, iemand zich meldt met de mededeling dat hij/zij de zoon/dochter is van vader. Blijkbaar heeft vader dit kind ooit verwekt, maar niemand (ook wellicht vader niet) heeft daar ooit weet van gehad. Als een kind niet erkend is (en er geen sprake is van geboorte tijdens het huwelijk) is er geen familierechtelijke betrekking ontstaan tussen het kind en de biologische vader. Daardoor erft het kind niet van rechtswege na het overlijden van vader en heeft het kind ook geen recht op de legitieme portie.

Procedure

Voordat het kind aanspraak kan maken op een deel van de erfenis, zal het kind het vaderschap juridisch moeten laten vastleggen. Het kind kan zowel voor, als na het overlijden van vader een procedure bij de rechtbank aanhangig maken en om gerechtelijke vaststelling van het vaderschap verzoeken. De Nederlandse wet schrijft niet voor hoe het vaderschap dient te worden aangetoond. De rechtbank is niet verplicht een DNA-onderzoek te gelasten, waaruit zou kunnen blijken dat vader daadwerkelijk de biologische vader is van het kind. Een DNA-onderzoek kan de meeste zekerheid bieden, maar ook andere vormen van relevant bewijs kunnen aantonen dat de vader daadwerkelijk de biologische vader is van het kind. Zo kan bijvoorbeeld worden gedacht aan verklaringen van moeder, buren of vrienden.

DNA-onderzoek

De rechtbank kan een (aanvullend) DNA-onderzoek gelasten. Als vader al is overleden, zal er geen direct DNA meer kunnen worden afgenomen. Het kind zal dan op een andere manier het DNA moeten leveren, waardoor het DNA-onderzoek kan plaatsvinden. Indien vader is begraven, dan kan het stoffelijk overschot worden opgegraven en kan het DNA worden afgenomen. Indien het lichaam van vader is gecremeerd, dan zal het kind op een andere manier het DNA moeten aanleveren. Voorbeelden van materiaal waaruit het DNA zou kunnen worden gehaald, zijn bijvoorbeeld een gebruikte tandenborstel, een envelop waarvan de rand was dichtgeplakt of een postzegel, maar ook een haarborstel, kleding e.d. kan goed DNA-materiaal zijn. Ook indien vader behandeld is geweest in een ziekenhuis, is wellicht nog genetisch materiaal aanwezig, waardoor het vaderschap vastgesteld kan worden. Als vader nog leeft, is het vrij eenvoudig om DNA af te nemen. Vader is echter niet verplicht om DNA af te staan. Weliswaar kan een rechter indien vader weigert zijn DNA ter onderzoek af te staan, daaruit de gevolgtrekking maken die hij geraden acht, hetgeen kan inhouden dat de rechter het verzoek tot gerechtelijke vaststelling van het vaderschap zal toewijzen.

Erfrecht

Het maakt voor de wet overigens niet uit of vader ooit contact heeft gehad met zijn buitenechtelijke kind. Ook doet het niet ter zake of het kind zelf ooit contact heeft gezocht met zijn biologische vader, of pas na het overlijden van vader iets van zich laat horen. Er gelden voor buitenechtelijke kinderen geen verval- of verjaringstermijnen. Het kan dus gebeuren dat iemand 20 jaar na het overlijden van vader zijn/haar deel van de erfenis komt opeisen. Blijkt de overledene de verwekker te zijn, dan is het kind gerechtigd tot de nalatenschap. De vaststelling van het vaderschap heeft terugwerkende kracht, zelfs indien jaren later het vaderschap pas wordt vastgesteld. In een dergelijk geval zullen de erfgenamen, die de nalatenschap hebben ontvangen, deze -in principe- alsnog met dat “nieuwe” kind moeten delen.

Mocht u vragen hebben over deze weblog of andere zaken op het gebied van personen- en familierecht, dan kunt u vanzelfsprekend contact opnemen met Marieke Morshuis of Sophie Vermeule.

Deze weblog is geschreven in nauwe samenwerking met Bianca Kok-Beekhuizen, legal assistant van de sectie familie- en erfrecht.