Update oneerlijke bedingen in de huurovereenkomst

2 september 2024

Update oneerlijke bedingen in de huurovereenkomst

Door Glenn Kerver

De Europese Richtlijn 93/13 EG (Richtlijn oneerlijke bedingen) beschermt consumenten tegen oneerlijke bepalingen in overeenkomsten met een ondernemer.

Richtlijn oneerlijke bedingen

De Richtlijn is van toepassing indien een huurder een woning van een professionele verhuurder huurt. In recente uitspraken zijn verschillende artikelen die voorheen als standaardbepaling werden gezien, vernietigd vanwege hun oneerlijke karakter.

Huurprijswijzigingsbeding

Eerder schreven wij de blog Huurprijsindexering onder omstandigheden buiten toepassing over het huurprijswijzigingsbeding in huurovereenkomsten, en de verregaande gevolgen indien een dergelijk beding als oneerlijk wordt beschouwd. Het gaat om bedingen waarbij de huurprijs wordt verhoogd op basis van de consumentenprijsindex, en vervolgens vermeerderd met een extra percentage. In lagere rechtspraak werden dergelijke bedingen vernietigd; vanwege de verregaande juridische en maatschappelijke gevolgen is aan de Hoge Raad voorgelegd of dit rechtsgevolg in lijn is met de Richtlijn. Inmiddels heeft procureur-generaal Wissink in zijn zeer lezenswaardige advies aan de Hoge Raad geconcludeerd dat een huurprijswijzigingsbeding gesplitst dient te worden in een indexatiebeding en een opslagbeding. Hiermee wordt het meest verstrekkende rechtsgevolg direct teniet gedaan, namelijk dat de verhuurder de huurprijs nooit meer kan én had mogen verhogen op basis van de consumentenprijsindex.

Daarnaast concludeert Wissink dat een opslagbeding met een opslag van maximaal 3% in algemene zin niet aan te merken is als een oneerlijk beding. De Hoge Raad is niet verplicht het advies te volgen, waardoor de beantwoording van de prejudiciële vragen nog in spanning wordt afgewacht.

Kosten en boetes

De discussie beperkt zich geenszins tot het huurprijswijzigingsbeding. Een ander veel gebruikt standaardartikel bepaalt dat alle gerechtelijke en buitengerechtelijke kosten die een verhuurder maakt vanwege het tekortschieten van een huurder, volledig op laatstgenoemde verhaald kunnen worden. In de praktijk wordt nooit een beroep op dit artikel gedaan, aangezien de incasso- en/of advocatenkosten gelimiteerd worden door de liquidatietarieven en de staffel Buitengerechtelijke incassokosten. Desondanks heeft de Rechtbank Amsterdam recentelijk geoordeeld dat dergelijke bepalingen eveneens oneerlijk zijn, waardoor er in het geheel geen proceskostenveroordeling meer uitgesproken kan worden. Ook over dit onderwerp zijn prejudiciële vragen aan de Hoge Raad gesteld.

De verschillende boetebepalingen in huurovereenkomsten kunnen eveneens oneerlijk zijn, temeer wanneer de boetes niet gemaximeerd of per overtreding gespecificeerd zijn, of wanneer de boetebedragen door cumulatie van boetes fors oplopen. In lijn met voornoemde rechtspraak dienen dergelijke boetebepalingen vernietigd te worden, waardoor de huurovereenkomst in het geheel geen financiële sancties tegen overtredingen bevat.

Conclusie

Het huurrecht is voortdurend in beweging, en nadat de juridische verhouding tussen huurder en verhuurder tijdens de coronacrisis al uitgebreid aan bod kwam, liggen nu de (standaard)bepalingen uit huurovereenkomsten onder een vergrootglas. Desondanks komen wij in de praktijk nog veel verouderde, of onjuist aangepaste huurovereenkomsten tegen. Het moge duidelijk zijn dat de rechtsgevolgen bij het gebruik van oneerlijke bedingen verstrekkend zijn. Wij adviseren dan ook zoveel mogelijk gebruik te maken van geactualiseerde modellen, en de overeenkomsten met regelmaat te laten toetsen.

Meer informatie

Heeft u vragen naar aanleiding van dit artikel? Of wilt u advies over een huurrecht kwestie? Neem dan vrijblijvend contact met ons op.

Glenn Kerver

Advocaat/partner

Gerelateerde blogs

Vorige slide
Volgende slide

9 februari 2026

De rechten van het kind bij ontruiming van een woning

Op 28 november 2025 heeft de Hoge Raad prejudiciële vragen beantwoord over de rol van de rechten van het kind bij een vordering tot ontruiming van een huurwoning. Dit artikel behandelt de aanleiding voor deze vragen, de kernoverwegingen van de Hoge Raad en de gevolgen voor de (rechts)praktijk.

Lees meer

Lees meer over

27 januari 2026

De werking van een omzettingsverklaring bij aanneming van werk

Stel dat een aannemer is ingehuurd voor een aanneming van werk, maar dat bij de uitvoering daarvan een probleem ontstaat. Dit komt helaas vaak voor. Als het vervolgens samen niet lukt om de kwestie op te lossen, is het aan te raden om juridische stappen te overwegen. Hieronder een praktische uitleg en vijf handige tips.

Lees meer

Lees meer over

9 december 2025

Overlast door huurders: wat is de rol van de verhuurder?

In dit artikel wordt nader ingegaan op de verantwoordelijkheden van een verhuurder in geval van overlast, de aanpak die hij kan hanteren en de maatregelen die hij kan nemen. Zie ook: vijf handige tips.

Lees meer

Lees meer over

26 november 2025

Schadevergoeding na verjaring van eigendom

Na het verstrijken van een verjaringstermijn vervalt een vordering. In het geval van verjaring in eigendomskwesties houdt dit in dat een eigenaar zijn vastgoed niet langer kan opeisen van de bezitter. Het eigendomsrecht gaat in zo’n geval over van de eigenaar op de bezitter. In sommige gevallen is er echter toch nog een mogelijkheid om alsnog aanspraak te maken op het vastgoed. Het schadevergoedingsrecht biedt in die gevallen een oplossing.

Lees meer

Lees meer over

11 november 2025

Kun je in het vastgoed- en huurrecht aanspraak maken op een immateriële schadevergoeding?

De laatste jaren krijgen wij steeds meer vragen over de vergoeding van immateriële schade. Met name expats zijn gewend dat er naast een materiële schadevergoeding ziend op de daadwerkelijk gemaakte kosten, ruimte bestaat voor een vergoeding van minder concrete schade.

Lees meer

Lees meer over
Alle artikelen