29 augustus 2016

Schuldeiser spreekt bestuurders persoonlijk aan

Door GMW advocaten

Stel u raakt in de volgende situatie verzeild: de rechtbank veroordeelt u om een fiks bedrag aan een BV te betalen.

U moet dus betalen (het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad), doet dat ook, maar gaat tegelijkertijd in hoger beroep. In hoger beroep geeft het gerechtshof u gelijk. De BV moet u daarop het reeds door u betaalde aan u terugbetalen, maar geeft aan geen geld meer te hebben. Kort daarna gaat de BV failliet. U staat met lege handen. Kunt u de bestuurder persoonlijk aanspreken en tot betaling dwingen?

Gerechtshof Den Haag spreekt zich uit

In een zaak waarover recent door het gerechtshof Den Haag werd beslist, was het antwoord op die vraag ontkennend. Wat speelde daar? De betreffende schuldeiser had de bestuurders van de BV persoonlijk aansprakelijk gesteld op grond van het feit dat zij niet tijdig de jaarrekening van de BV hadden gedeponeerd en daarnaast de BV volledig hadden leeggehaald. Daardoor kon de schuldeiser zijn vordering op de BV niet verhalen.

Te laat deponeren jaarrekeningen

Het gerechtshof oordeelde dat het te laat deponeren van de jaarrekeningen door de bestuurders inderdaad onrechtmatig was. Daarmee stond het kennelijk onbehoorlijk bestuur van de bestuurders vast. Een vordering op die grondslag komt echter alleen aan de curator toe, niet aan een individuele schuldeiser. Dat laatste kan alleen gelden bij bijzondere omstandigheden maar die deden zich in dit geval niet voor – althans werden niet gesteld. De vordering van de schuldeiser, voor zover gebaseerd op deze vordering, werd dus afgewezen door het hof.

BV leeghalen

De tweede grondslag voor zijn vordering bracht de schuldeiser ook niets. Daarover oordeelde het hof als volgt. Een bestuurder kan op zich aansprakelijk zijn tegenover een schuldeiser van de BV, indien hij medewerking verleent aan het doen of nalaten van die BV waardoor deze haar wettelijke of contractuele verplichtingen niet nakomt. Die bestuurder moet dan echter wel een persoonlijk ernstig verwijt te maken zijn. Dat speelt met name als de bestuurder zich ten tijde van zijn handelen bewust is  van de benadeling van de schuldeiser. Het hof achtte hier niet bewezen dat de bestuurder zich bewust was van benadeling van de schuldeiser. Het enkele feit dat een vonnis in hoger beroep anders uitpakt dan in eerste aanleg kan een bestuurder niet worden verweten. Dat zou anders zijn geweest als de bestuurder had geweten of had moeten weten dat de uitspraak in hoger beroep anders zou uitpakken en dat de BV in dat geval niet meer in staat zou zijn de schuldeiser te betalen. Dat was allemaal niet aangetoond, aldus het hof, reden waarom de vordering van de schuldeiser ook op deze grond werd afgewezen.

Schuldeiser met lege handen

 Doordat de schuldeiser nu eenmaal niet de rechten van een curator heeft en daarnaast niet kon bewijzen dat de bestuurders de BV hadden leeggehaald in de wetenschap dat de crediteur vervolgens onbetaald zou blijven, werd zijn vordering afgewezen. Zuur, maar wel conform wet en jurisprudentie. De curator van de BV heeft overigens geen actie richting de bestuurder ondernomen. Die zag kennelijk geen aanleiding de bestuurders aan te pakken.

GMW-advocaten

GMW advocaten

Advocaat

Onze advocaten hebben ieder hun eigen specialistische expertise en ervaring. Wat zij met elkaar delen, is hun gedrevenheid en service gerichte aanpak. Met als doel: de beste oplossing voor onze cliënten bereiken.

Gerelateerde blogs

Vorige slide
Volgende slide

4 februari 2026

Volmacht aan een bank geven: wat houdt dit in?

Inmiddels is het standaard dat de bank aan haar klant bij het aangaan van een financieringsovereenkomst een volmacht vraagt. Maar waarom doet een bank dat en op basis waarvan? In deze blog ga ik in op deze vragen en de implicaties voor klanten van de bank.

Lees meer

Lees meer over

3 februari 2026

Verrekening en faillissement: wat mag wél en wat niet?  

Verrekening is een juridisch middel waarbij twee partijen die elkaar iets verschuldigd zijn, hun vorderingen en schulden tegen elkaar kunnen wegstrepen. Dit is in een gewone handelsrelatie in beginsel geen probleem. Zodra er sprake is van een faillissement, gelden er echter andere spelregels.

Lees meer

Lees meer over

20 januari 2026

De voorwaarden bij een bankgarantie tot opheffing van conservatoir beslag

Conservatoir beslag is een krachtig middel voor schuldeisers om hun verhaalspositie veilig te stellen voordat een rechter definitief over een vordering heeft geoordeeld. Voor de beslagene kan een beslag echter zeer ingrijpend zijn. De wet verplicht de beslaglegger daarom om het beslag op te heffen, als hij ‘voldoende zekerheid’ gesteld krijgt voor zijn vordering. Dat gebeurt meestal in de vorm van een bankgarantie. De vraag is wanneer zo’n bankgarantie voldoende is, en met name: wanneer moet zij uitkeerbaar zijn?

Lees meer

Lees meer over

19 januari 2026

Bestuurdersaansprakelijkheid: veel geroepen, moeilijk bewezen

Bestuurdersaansprakelijkheid klinkt dreigend. In de praktijk blijkt een claim van een curator echter moeilijk te winnen. De lat voor bestuurdersaansprakelijkheid ligt namelijk hoog. Het loont dus om kritisch naar deze aansprakelijkheidsvordering te kijken, en daartegen goed verweer te voeren.

Lees meer

Lees meer over

2 december 2025

Verpanding van vorderingen, heeft de pandhouder het laatste woord?

Banken vragen bij elke zakelijke financiering om verstrekking van zekerheidsrechten op activa van uw onderneming. Deze zekerheidsrechten willen zij van u krijgen zodat, in het geval dat u de financiering niet kan betalen, die in zekerheid gegeven activa te gelde kunnen worden gemaakt en de bank zich als schuldeiser met voorrang op andere schuldeisers, zich kan verhalen op de opbrengst.

Lees meer

Lees meer over
Alle artikelen