Pensioenrecht

De pensioenleeftijd schuift steeds verder op, waardoor mensen steeds langer door moeten werken. In sommige gevallen is dat niet haalbaar. Denk aan werknemers met (fysiek) zwaar werk of werknemers die het werk door een toenemende digitalisering simpelweg niet meer kunnen bijbenen. Met toepassing van de RVU-vrijstelling is het mogelijk een regeling te treffen, waarin deze werknemers vervroegd met pensioen kunnen gaan. In dit artikel leg ik u graag uit wat de RVU-regeling inhoudt.

Wat is de RVU-regeling?

RVU staat voor Regeling Vervroegd Uittreden. Een regeling kwalificeert als een RVU als de werkgever de werknemer na einde dienstverband financieel compenseert om de periode tot aan de AOW te overbruggen. In dat geval legt de fiscus de werkgever op een heffing van 52% belasting te betalen over deze uitkering/ontslagvergoeding. Het is in principe niet de bedoeling om werknemers eerder dan de pensioengerechtigde leeftijd te laten stoppen met werken. We hebben immers te maken met grote krapte op de arbeidsmarkt.

Om de categorie werknemers te ontlasten die het niet volhouden tot hun pensioen te werken, is een uitzondering op de RVU-regeling gemaakt. Als de uitzondering van toepassing is, blijft de heffing van 52% achterwege. Om onder de vrijstelling te vallen, moet men aan de volgende drie voorwaarden voldoen:

Voorwaarde 1: de regeling gaat in maximaal drie jaar voorafgaand aan de wettelijke AOW-leeftijd.

Gaat de regeling toch eerder dan 36 maanden voor de wettelijke AOW-leeftijd in? Dan bent u als werkgever over die eerdere maanden wél 52% heffing verschuldigd.

Voorwaarde 2: De hoogte van de aan de werknemer toegekende vergoeding is maximaal gelijk aan de RVU-drempelvrijstelling.

De totale vergoeding die aan de werknemer betaald wordt ter overbrugging tot het pensioen is maximaal gelijk aan de RVU-drempelvrijstelling. Voor 2022 is dit een maximale vergoeding van €1.874,- bruto per maand. De drempelvrijstelling geldt dus voor een totaalbedrag van €1.874,- bruto vermenigvuldigd met het aantal maanden dat de werknemer nog heeft tot zijn AOW-leeftijd, met een maximum van €67.464,- bruto (36 maanden).

Voorwaarde 3: De RVU-vrijstelling geldt alleen voor uitkeringen aan werknemers die in de periode van 1 januari 2021 tot en met 31 december 2025 maximaal 36 maanden van hun wettelijke AOW-leeftijd verwijderd zijn.

Wanneer uiterlijk op 31 december 2025 een regeling overeengekomen wordt met een werknemer die uiterlijk op 31 december 2028 de AOW-gerechtigde leeftijd bereikt, is de RVU-vrijstelling voor die regeling nog van toepassing. Buiten dit tijdvak geldt de vrijstelling niet (meer) en wordt dus weer 52% belasting geheven.

Afspraken

Werkgever en werknemer hebben verschillende mogelijkheden om de vertrekregeling waarin gebruik gemaakt wordt van de RVU-vrijstelling in te kleden. Zoals eerder naar voren kwam, kunnen partijen kiezen om de uitkering eenmalig of periodiek uit te keren. In dat laatste geval kan de periodieke uitkering vast of variabel zijn. Het is zaak dat partijen hier goed over nadenken, want elke keuze kent zijn eigen gevolgen.

Zo is er in principe recht op een werkloosheidsuitkering als de arbeidsovereenkomst eindigt op basis van een vaststellingsovereenkomst en de uitkering die aan de werknemer toekomt eenmalig is. In de vaststellingsovereenkomst moet dan bovendien zijn opgenomen dat het initiatief voor beëindiging bij de werkgever ligt en tevens geen sprake is van verwijtbaar handelen van de werknemer. Uiteraard kan een eenmalige uitkering ertoe leiden dat de werknemer dat jaar in een hogere belastingschaal valt.

Als u de uitkering periodiek uitkeert, dan zal men de uitkering verrekenen met een eventuele werkloosheidsuitkering en bestaat of een lager of geen recht op een werkloosheidsuitkering. In sommige sectoren is in de cao opgenomen dat een periodieke uitkering het uitgangspunt is. Werkgevers die onder de werkingssfeer van de betreffende cao’s vallen, zijn dan gebonden aan die uitgangspunten.

MDIEU-regeling

Er is vanuit de overheid een subsidiepot beschikbaar. Hiervan kan u de ontslagvergoeding, waarop de RVU-vrijstelling van toepassing is, betalen. Dit heet de Maatwerkregeling duurzame inzetbaarheid en eerder uittreden. Om gebruik te maken van de MDIEU-regeling moeten werkgevers en werknemers aan aanvullende voorwaarden voldoen. Om aanspraak te kunnen maken op de subsidie moet het einde van de arbeidsovereenkomst op verzoek van de werknemer geschieden. Ook moet u de RVU-uitkering dan maandelijks uitbetalen. Daarnaast wordt om in aanmerking te komen voor subsidie vereist dat de werkgever investeert in duurzame inzetbaarheid.

De aanvraag voor deze subsidie doen de sectorale partners. Werkgevers kunnen zich via een samenwerkingsovereenkomst hierbij aansluiten.

RVU in de cao

Hoewel elke werkgever gebruik kan maken van de RVU-vrijstelling, kan in een cao beperkende of aanvullende afspraken hierover gemaakt zijn. Dit geldt bijvoorbeeld voor de Metalektro Cao.

Tenslotte

De voorwaarden voor de toepassing van de RVU-vrijstelling zijn helder. Het is de invulling en de mogelijk bijkomende regels die het ingewikkeld maken. Heeft u vragen of wilt u meer informatie? Neem dan direct contact met ons op. Onze pensioen- en arbeidsrechtadvocaten ondersteunen en adviseren u graag.